Gastenboek E-mail update Reislinks

Van hot naar her op de Pelopenese


Belevenissen vooraf
Voorgaande reizen
Algemene zaken
Europa
Rusland
China
Vietnam
Cambodja
Thailand
Maleisië en Singapore
Indonesie
Laos
Turkije
Griekenland
Italie
Afrika
Weer thuis

Datum: 18-24 November 2002

Lees op onze Engelstalige website meer over de Peloponnese, Monemvasia en Olympia.

Monemvasia, het Griekse Gibraltar

We willen nog een paar leuke steden aandoen voordat we via Patras de ferry naar Italië nemen. We denken daar rustig de tijd voor te kunnen nemen, maar rekenen buiten het Griekse openbaar vervoer. Door de slechte verbindingen moeten we noodgedwongen onze plannen wijzigen, overnachten in niets-zeggende steden en ellenlange wachttijden doorstaan. Maar we zullen die mooie dingen zien!!

Plan 2

Als we de vroege bus uit Nafplio nemen weten we eigenlijk nog niet waar we vandaag naartoe gaan. Eigenlijk willen we naar Olympia, maar in Tripolis horen we dat de bus daarheen pas om 18.30 uur gaat. Dan treedt plan 2 in werking, we wandelen naar het andere busstation van Tripolis en pakken de bus naar Monemvasia via Sparta. Met name dat laatste stuk gaat erg traag, de bus passeert alle dorpjes die het kan vinden, zelfs die waar de straatjes zo kronkelig en smal zijn dat hij er amper door kan. Maar uiteindelijk zien we de zee en de grote rots voor de kust waar Monemvasia op moet liggen.

De bus dropt ons af in Gefyra, het dorpje op het vasteland voor Monemvasia. De travelagent verwijst ons naar een hotel dat kamers voor 20 € moet hebben. De eigenaar schrikt wel even als we hem dat melden, maar geeft ons dan een kamer met douche, toilet, kookpitje, TV en balkon. Op de deur zien we dat dit in het hoogseizoen 70 € op moet brengen, en nu eigenlijk 40 €. Een gelukje voor ons dus.

Monemvasia, achter de rots danWe inspecteren Gefyra en concluderen dat het aardig uitgestorven is. Vele restaurantjes zijn gesloten, en er is niet zoveel te beleven. Ook de brug naar Monemvasia ligt er verlaten bij. Monemvasia zelf is trouwens helemaal niet te zien, dat ligt aan de achterzijde van de rots. We vinden nog wel een Internetcafé, waar we ook nog even op het terrasje zitten. Eten doen we noodgedwongen bij een dure tent, en het is nog niet eens lekker. 's Avonds is er gelukkig een goede film op de TV.

Grieks Gibraltar

Als we van een heerlijk, zelfgemaakt ontbijtje genoten hebben gaan we op pad. We wandelen over de brug en om de rots naar de ommuring van Monemvasia. Zodra we het tunneltje in de muur door zijn staan we in het middeleeuwse stadje. Smalle straatjes, oude huisjes, poortjes en kerkjes, het is er prachtig. Ook natuurlijk erg toeristisch met veel souvenirstalletjes en restaurants. Maar dan is het weer mooi dat het laagseizoen is: we zijn bijna de enige toeristen.

Na het gratis miniscule museumpje te hebben gezien klimmen we omhoog langs de rotsen. Naast de lage stad is er namelijk ook nog een hoge, al is daar weinig meer van over. Maar de verdedigingsmuur is de klim al waard, en bovenop staat nog de kerk van Agia Sophia. En dan zijn er natuurlijk nog de uitzichten over de lage stad en, aan de andere kant, het vasteland.

In het gezelschap van zo'n 15 katten genieten we van de lunch op een terrasje. Dan wandelen we nog even langs de buitenmuur naar de verste kant van het stadje, waar het helemaal uitgestorven is. Monemvasia is een prachtig stadje, maar in een paar uurtjes hebben we het wel gezien.

Plan 2 sub c in Sparta

De volgende morgen stappen we dus weer vroeg op de bus om ons, hopelijk, naar Olympia te brengen. Maar helaas, in Sparta horen we dat we voor Olympia weer naar Tripolis moeten, maar daarvandaan gaat de bus pas weer om 18.30 uur. Het enige alternatief is om om 14.30 uur naar Kalamata te gaan. Dat is echter ook nog 3 en een half uur wachten.

Koning Leonidas van het roemruchte SpartaTijd genoeg dus om het oude Sparta te bezoeken. Sabine let op de spullen, die is de ruïnes toch al een beetje zat. Liggend in het zonnetje met een boek om de tijd te doden. Sparta was vroeger een erg machtige stad, vooral bekend om zijn geharde soldaten. De beruchte Spartaanse opvoeding wierp zijn vruchten af voor de stad, die eigenlijk helemaal niet zo groots was als zijn faam. En wat er wel was, ligt nu geheel aan puin.

Via een fikse wandeling kom je in een vredig heuvelachtig landschap. Hier en daar liggen wat stenen en is er een muurtje uitgegraven. Maar het roemruchte oude Sparta wordt vooral gedomineerd door de olijfbomen van de plantage die hier tegenwoordig ligt. Bij de grotere ruïnes, met name die van het amphitheater, liggen de stenen weer keurig gerangschikt. Maar nog minder dan elders is hier de kans dat er ooit nog wat gerestaureerd wordt.

De enige andere zichtbare herinnering aan het verleden is een standbeeld van de roemruchte koning Leonidas. Maar in plaats van een prominente plaats in het centrum staat deze voor het voetbalstadion, vlakbij de ruïnes. Het centrum van Sparta wordt tegenwoordig gedomineerd door een rustig pleintje, met een mooie orthodoxe kerk aan het hoofdeind. Het contrast met de ooit zo ruige Spartanen kan haast niet groter.

Mooie bergroute

Bergroute in de PeloponeseAls de bus om 14.30 uur uiteindelijk Sparta verlaat, rijden we al snel de bergen in. Kalamata ligt hemelsbreed niet zo ver weg, maar wel aan de andere kant van de centrale bergketen over de Pelopenese. Hoe hoger de bus over de haarspeldbochten klimt, hoe mooier de uitzichten. De bomen hebben prachtige herfstkleuren die afsteken tegen de grijze bergen en de blauwe lucht. We passeren bergdorpjes, waar een enkeling uit de bus stapt, en moeten ook nog overstappen. Uiteindelijk daalt de bus weer af en komen we aan in Kalamata.

Kalamata is niet de geboorteplaats van Calimero, maar wel een provinciaal hoofdstadje. Het heeft een oud, maar niet bijzonder binnenstadje, en een naar het schijnt aardig waterfront, maar dat ligt te ver uit onze slinger. Voor ons is het vooral het eindpunt van de spoorlijn over de Pelopenese, die ons de volgende dag naar Olympia kan brengen. In een leuk klein restaurantje, waar we enthousiast in de keuken worden uitgenodigd, ontmoeten we een Hollands echtpaar dat na hun pensioen hier is komen wonen. Maar dat is wel het enige noemenswaardige aan ons verblijf hier.

De heen en weer

Bij aankomst 's morgens vroeg op het station van Kalamata blijkt het treintje maar één treinstelletje te hebben. We nemen plaats en genieten van het boemelritje. Plots besluit men bij een station de andere kant op te rijden, en gaan we duidelijk de verkeerde kant op. Bij het volgende station moeten we dan overstappen, en dan gaan we weer wel de goede kant op. Het zal wel, we komen na 3 uurtjes in ieder geval aan in Pyrgos.

Van Pyrgos zou er een treintje gaan naar Olympia. Helaas, het vrouwtje achter het loket snauwt ons toe dat we de bus moeten nemen, de spoorlijn is in onderhoud. Tot zover de Griekse vriendelijkheid, die ophoudt zodra men een beroep uitoefent waarbij men klanten moet helpen. Terwijl we naar het busstation lopen komt de bus ons al tegemoet en kunnen we opspringen. Een half uurtje later komen we dan eindelijk aan in het populaire, maar zo moeilijk te bereiken Olympia.

Olympia kent weer eens een jeugdherberg. Leuk en gezellig, denken we, maar dat valt tegen. Het betekent slechts dat het goedkoop is, en de kille kamer doet ons besluiten meteen maar de ruïnes te bezoeken om morgen weer door te gaan.

Olympisch verleden

De ruïnes zijn geweldig. Misschien ietwat overdreven voor een plek waar maar weinig meer overeind staat, maar je voelt hier de geschiedenis van de Olympische spelen. Ongelooflijk dat men hier 776 jaar voor Christus al sportwedstrijden hield, en daartoe een eed sloot om even te stoppen met vechten.

De boog van het stadion van OlympiaEigenlijk zijn de huizen en de tempels hier maar een beetje bijzaak, het gaat om dat stadion. Maar ook de overblijfselen van de enorme tempel van Zeus zijn indrukwekkend. Hier stond ooit het enorme standbeeld van goud en ivoor, één van de zeven wonderen van de oude wereld. En de bouleterion, waar de atleten de eed aflegden. En de tempeltjes, waar de stadstaten hun trofeeën bewaarden. Maar het gaat toch om dat stadion.

Door een boog betreedt je het stadion. En wat je dan ziet stelt niet zo heel veel voor. Een zand- en grasvlakte, omgeven door een tribune-heuvel, waar nu gras op staat. Op de vlakte ligt de startlijn, en aan de andere kant, 120 meter verder, de finishlijn, beiden van marmer. Aan de zijkant resteert nog de eretribune, of de zetels van de jury, dat weet men niet zeker. En that's it, de rest is de verbeelding van de plek en wat hier heeft plaatsgevonden.

Piet Lut

Klaar voor de start...Terwijl we nog wat langs de oude tempels dwalen, zien we de archeologen aan het werk. Misschien dat ze hier aan het werk zijn voor de spelen in Athene van 2004, we weten het niet. Maar we verbazen ons wel weer om het pietleutige gepiel met een metalen tandartshaakje om al het mos van een pilaarsteen te peuteren, er liggen er duizenden. Anderen zijn wel nuttig bezig, en restoreren een tempel, terwijl een pilaar van de tempel van Zeus in de steigers staat. We zijn benieuwd of er in 2004 iets van te zien zal zijn.

Ons kaartje geeft ook gratis toegang tot het museum. Maar al snel blijkt waarom, het nieuwe museum moet nog grotendeels ingericht worden. De meeste kunstschatten staan nog in kisten buiten en kunnen we dus niet zien. Wel te zien zijn de indrukwekkende gevel sculpturen van de tempel van Zeus. En op de briefkaarten die er verkocht worden zien we de ceremonie van het ontsteken van de Olympische vlam tussen de ruïnes. Gaan we in 2004 ook maar eens bekijken.

Het moderne Olympia is slechts een schim van zijn antieke voorganger. Geheel toegespitst op toerisme is het nu, in het laagseizoen, vrijwel verlaten. De volgende dag is het dan ook snel weer wegwezen wat ons betreft. Met de bus naar Pyrgos, en dan de trein naar Diakofto. Dit keer hebben we de intercity, wat betekent dat we behalve het gewone kaartje ook een reservering moeten kopen, wat overigens automatisch gebeurt. Die reservering is echter duurder dan het kaartje zelf. En de trein is volgens ons nog steeds een boemeltje.

Tandwielboemel

Diakofto is het beginpunt van een uniek spoorlijntje. Het is een in 1889 gebouwde verbinding met Kalavryta in de bergen. Door middel van een soort tandwielsysteem trekt het treintje zich op de steile stukken voort. En dat allemaal door de prachtige Vouraikoskloof.

Bij aankomst in Diakofto moeten we ons nog haasten om kaartjes te kopen voor het treintje vertrekt. En dan kunnen we plaatsnemen in het achterste van de 2 wagonnetjes aan weerszijden van de moter. De wagonnetjes zijn krap en het is goed dat er maar twee andere mensen bij ons zitten, anders hadden we een probleem gehad met de rugzakken.

Na een paar minuutjes wachten zet het treintje zich hevig trillend in beweging. Het eerste stuk is nog redelijk vlak over normale rails maar het treintje lijkt er al flink moeite mee te hebben. We rijden door de fruitbomen naar het begin van de kloof, waar we voor het eerst het riviertje zien dat ons de rest van de tocht zal vergezellen.

Het boemeltjeAls we al een paar tunneltjes gepasseerd zijn komen we bij het eerste steile stuk. Het treintje staat even stil om in te haken in het tandenspoor dat er in het midden van de rails bijgekomen is, maar dan trekt het zich omhoog. De kloof wordt nauwer en het riviertje woester terwijl het treintje een paar keer oversteekt naar de andere kant. Hele stukken rijden we onder de overhangende rotsen en het uitzicht is mooi.

Pech onderweg

Als we bij het tweede steile stuk komen gaat er iets mis. Terugrijden, inspecteren, druk praten, en nog maar eens. Dit keer rijden we toch een heel eind over het steile stuk, maar toch stoppen we en gaan weer terug. Ons wordt duidelijk gemaakt dat we niet verder kunnen en dat er een ander treintje moet komen. Gelukkig is het geen straf om in deze omgeving te moeten wachten.

Na een klein uur komt een ander treintje ons oppikken. We stappen in (opvallend hoeveel passagiers in het voorste wagonnetje zitten) en gaan weer op weg. Het steile stuk gaat nu prima, maar op het wat vlakkere stuk, zonder tandsysteem, slippen de wielen hevig en komen we slechts stapvoets vooruit. Nee, niet nog eens pech, maar gelukkig gaat het goed. We bereiken Kalavryta zonder problemen, maar met een uur vertraging.

Historisch skidorp

Kalavryta is een bergdorpje dat een belangrijke plek inneemt in de Griekse geschiedenis. Hier startte bijvoorbeeld de Griekse onafhankelijkheidsoorlog in 1821. Bovendien was het in de tweede wereldoorlog het centrum van verzet, wat resulteerde in de afslachting van 1000 lokale mannen als Duitse represaille. Eén van de twee klokken van de kerk staat voor altijd stil op het tijdstip van die gebeurtenis.

Kerkje van Kalavryta, delinkerklok geeft nog het tijdstip van de slachtingTegenwoordig is Kalavryta vooral een wintersportdorpje. De pistes liggen wel 14 km verderop, en er is geen openbaar vervoer naartoe, maar toch. We zitten nog buiten het seizoen en dus is het ook hier weer uitgestorven. De hotels zijn wel open maar het duurt soms even voor je iemand vindt met de sleutels. We checken in, en gaan op pad om een restaurantje te vinden.

Bus cq postpakketstation

Ook in dit plaatsje besluiten we niet langer dan één nacht te blijven. De trein terug gaat pas om kwart voor één en dus proberen we de bus van 11 uur direct naar Patras. Het busstation is uitgestorven. Er staan een aantal pakketjes in het midden op de grond, het loket is dicht hoewel er wel een jas hangt, en de WC loopt om de paar minuten met luid geraas door. Behalve ons loopt er nog een vrouwtje naar het schijnt op de bus te wachten, en een man die af en toe naar binnen, dan weer naar buiten loopt. Beiden spreken geen Engels. Even verderop staat een bus, maar daar gebeurt niets mee.

Als het 11 uur geweest is geeft het vrouwtje het op, wij houden vol. Zo leren we wat van de Griekse pakketdienst: af en toe loopt er iemand binnen, bekijkt de pakketten en neemt er één of twee mee. Ook komt er iemand langs die wat tegen de balie neerzet en een munt over het glas achter het loket gooit. Een godswonder als dat allemaal goedgaat. Om kwart over 12 besluiten we toch maar de trein te nemen.

Het is druk op het station. Zaterdag en dus een mooie dag voor de Grieken om dit beroemde treinritje te maken. Beide wagonnetjes zitten stampvol, en we zijn bijna de enigen die zonder fototoestel klaarzitten, dat hebben we gisteren al gedaan. Misschien is het het mooie weer, de betere plek in de trein, het enthousiasme om ons heen, of het betere uitzicht (soms met het hoofd uit het raam), maar de rit is nog mooier dan gisteren, en we genieten met volle teugen. We zijn bijna blij dat de bus niet ging.

Het Intercityboemeltje naar Patras brengt ons vlot in deze havenstad. We besluiten hier niet te overnachten maar indien mogelijk meteen de ferry naar Italië te nemen. Natuurlijk gaat niet de beoogde boot naar Brindisi, maar wel een, duurdere, naar Bari. We nemen hem, want we hebben geen zin in nog een extra overnachting in een weinig interessante plek. Vaarwel Peleponese van Griekenland, je hebt fantastische plaatsen, waarschijnlijk te vol in de zomer en wat uitgestorven in de winter. Maar doe vooral eens iets aan de bereikbaarheid ervan.

Ga terug naar: De forten van Nafplio

Ga door naar: De overdaad van Rome

Ga naar het overzicht van Griekenland

Wereldreis zonder vleugels